Het loon van de wijsheid van God

Het loon van de wijsheid van God: Spreuken 25

Het loon van de wijsheid van God

Spreuken 25:1 Ook dit zijn spreuken van Salomo, welke de mannen van Hizkia, de koning van Juda, hebben bijeengebracht.

“Bijeenbrengen” zou kunnen duiden op het vastleggen van traditionele gezegden.

De resterende hoofdstukken bevatten spreuken die verzameld zijn in opdracht van koning Hizkia en als een soort supplement werden toegevoegd aan het voorgaande deel van het boek Spreuken. Zij werden ongeveer tweehonderdvijftig jaar na de dood van Salomo verzameld vanuit traditionele gezegden van Salomo.

“Mannen van Hizkia” zou kunnen duiden op levitische priesters, of Jesaja, Micha, Joach, Sebna en andere geïnspireerde mannen.

Over Salomo:

I Koningen 4:31-32 Ja, hij was wijzer dan alle mensen, dan de Ezrachiet Etan en Heman en Kalkol en Darda, de zonen van Machol, zodat hij naam had onder al de volken rondom. Hij sprak immers drieduizend spreuken, en liederen van hem waren er duizend vijf.

Heman schreef Psalm 89 en was een levitische priester. Kalkol en Darda waren wijze Joden; zij hadden geestelijke gaven verkregen van God.

Toch was Jezus veel wijzer.

Johannes 21:25 Er zijn echter nog vele andere dingen, die Jezus gedaan heeft; indien deze een voor een beschreven werden, dan zou, naar ik meen, de wereld zelf de boeken, die geschreven werden, niet kunnen bevatten. [Statenvertaling sluit af met; Amen.]

Wie was koning Hizkia?

Hij was een van de weinige koningen van Juda die het waard is om in gedachten te houden.

I Kronieken 29:1-10 Jechizkia werd koning, vijfentwintig jaar oud, en hij regeerde negenentwintig jaar te Jeruzalem. Zijn moeder heette Abia; zij was de dochter van Zekarja. Hij deed wat recht is in de ogen des HEREN, geheel zoals zijn vader David gedaan had.

Hij opende in het eerste jaar zijner regering, in de eerste maand, de deuren van het huis des HEREN en herstelde ze. Toen liet hij de priesters en de Levieten komen en vergaderde hen op het Oostplein en zeide tot hen: Hoort naar mij, Levieten! Heiligt u thans, heiligt het huis van de HERE, de God uwer vaderen, brengt het onreine uit het heiligdom naar buiten; want onze vaders zijn ontrouw geweest, zij hebben gedaan wat kwaad was in de ogen van de HERE, onze God, en hebben Hem verlaten, hun aangezicht afgewend van de woning des HEREN en haar de rug toegekeerd.

Zelfs hebben zij de deuren van de voorhal gesloten, de lampen gedoofd en geen reukwerk ontstoken noch brandoffers gebracht in het heiligdom aan de God van Israël, zodat de toorn des HEREN op Juda en Jeruzalem rustte en Hij hen maakte tot een voorwerp van schrik en ontzetting en tot een aanfluiting, zoals gij met eigen ogen kunt aanschouwen.

Zie, hierom zijn onze vaders door het zwaard gevallen, en zijn onze zonen, onze dochters en onze vrouwen in gevangenschap. Thans is het mijn voornemen een verbond te sluiten met de HERE, de God van Israël, opdat zijn brandende toorn zich van ons afwende.

De geschiedenis van deze koning staat in:
2 Koningen 18-20; Jesaja 36:1-39:8 en 2 Kronieken 29-32.

Er wordt over hem gesproken als een groot en goed koning. In het openbare leven volgde hij het voorbeeld van zijn overgrootvader Uzzia. Hij zette zich ertoe de afgodendienst in zijn koninkrijk uit te roeien. Een van de dingen die hij deed om dat te bereiken was de vernietiging van de “koperen slang” die verworden was tot een voorwerp van afgodendienst (Numeri 21:9). In zijn dagen werd er in het koninkrijk Juda een grote hervorming doorgevoerd.
(2 Koningen 18:4; 2 Kronieken 29:3-36).

Koning Hizkia weigerde schatting te betalen aan Sanherib van Assyrië.

Rabsake van Assyrië leverde een boodschap af aan Jeruzalem:

2 Koningen 19:10 Zo zult gij zeggen tot Hizkia, de koning van Juda: Laat uw God, op wie gij vertrouwt, u niet bedriegen door te zeggen: Jeruzalem zal niet in de macht van de koning van Assur gegeven worden.

Assyrië voerde de politiek van een verschroeide aarde voor tegenstand.

2 Koningen 19:14-16 Hizkia nam de brief uit de hand der gezanten en las hem. Toen ging Hizkia op naar het huis des HEREN, spreidde hem uit voor het aangezicht des HEREN, en bad voor het aangezicht des HEREN en zeide: HERE, God van Israël, die op de cherubs troont, Gij, Gij alleen zijt God over alle koninkrijken der aarde; Gij hebt de hemel en de aarde gemaakt. Neig, HERE, uw oor en hoor; open, HERE, uw ogen en zie; hoor de boodschap, die Sanherib heeft gezonden om de levende God te honen.

Jeruzalem was doodsbang en bleef slechts op het nippertje standvastig door het geloof van Hizkia.

Spreuken 25:2 Het is Gods eer een zaak te verbergen, maar der koningen eer een zaak uit te vorsen.

Romeinen 11:33-34 O diepte van rijkdom, van wijsheid en van kennis Gods, hoe ondoorgrondelijk zijn zijn beschikkingen en hoe onnaspeurlijk zijn wegen!

Want:

  • wie heeft de zin des Heren gekend?

Of

  • wie is Hem tot raadsman geweest?

1 Timotheüs 3:16 En buiten twijfel, groot is het geheimenis der godsvrucht:

  • Die Zich geopenbaard heeft in het vlees,
  • is gerechtvaardigd door de Geest,
  • Die verschenen is aan de engelen,
  • is verkondigd onder de heidenen,
  • geloofd in de wereld,
  • opgenomen in heerlijkheid.

Wij, als toekomstige koningen en priesters, willen meer en meer begrip van de Bijbel en Gods plan. Onze vurige ijver is een voorwaarde die God van ons verlangt voor geestelijke groei.

Jesaja 63:15 Schouw uit de hemel en zie uit uw heilige en luisterrijke woning. Waar zijn uw ijver en uw machtige daden? Uw innerlijke bewogenheid en uw ontferming hebben zich jegens mij niet laten gelden.

Het volgende vers kwam in het leven van Jezus Christus tot uiting:

Psalm 69:9 want de ijver voor uw huis heeft mij verteerd, en de smaadwoorden van wie U smaden, kwamen op mij neder.

Spreuken 25:3 De hoogte des hemels, de diepte der aarde en het hart der koningen is niet te doorvorsen.

De woorden de hoogte des hemels verwijzen naar God; de woorden de diepte der aarde verwijzen naar de gewone mens. De koning wordt door diepergaande, serieuzere zaken beïnvloed dan de gewone mens.

Zij die door God worden getraind om koningen te worden, moeten geestelijk volwassen worden om alle zaken af te kunnen wegen en tot een juist oordeel te komen. Zelfs als die zaken ingewikkeld zijn moeten ze worden afgewogen in het licht van Gods Woord.

Spreuken 25:4-5 Doe het schuim van het zilver weg, en er komt een werkstuk uit voor de zilversmid. Doe de goddeloze van de koning weg, en zijn troon wordt bevestigd door gerechtigheid.

Dit is een metafoor; geen enkele zilversmid zal ooit werken met het schuim van het zilver. Als er iets van zulk minderwaardig materiaal zou worden gemaakt om als echt te worden aangeboden, dan zou dat bedrog zijn. Wil een koning in rechtvaardigheid kunnen regeren dan kan hij geen goddeloze mensen in zijn regering hebben die afbreuk doen aan zijn bevelen.

Deuteronomium 17:18 Wanneer hij nu op de koninklijke troon gezeten is, dan zal hij voor zich een afschrift laten[1] maken van deze wet, welke bij de levitische priesters berust.

Deuteronomium 17:19-20 Dat zal hij bij zich hebben en daarin zal hij lezen gedurende heel zijn leven om te leren de HERE, zijn God, te vrezen door al de woorden van deze wet en al deze inzettingen naarstig te onderhouden, opdat zijn hart zich niet verheffe boven zijn broeders, en hij van het gebod niet afwijke naar rechts of naar links, opdat hij lange tijd koning moge blijven, hijzelf en zijn zonen, te midden van Israël.

Spreuken 25:6-7 Praal niet bij de koning, ga niet staan op de plaats der groten; want het is beter, dat men tot u zegt: Kom hierheen, hoger op! dan dat men u vernedere voor de aanzienlijke, die uw ogen hebben gezien.

Het is in het leven beter de mindere plaats in te nemen.

  • Daarom is het beter niet te denken dat je onnadenkend maar kunt nemen wat je wilt, want dat gaat niet op.
  • Ook is het beter niet te denken dat je vervuld van trots recht hebt op een bepaald iets, want dat is niet het geval.
  • Het innemen van de mindere plaats laat nederigheid zien, het begrip dat je genade hebt ontvangen en dat het God is die zal bepalen of we worden verhoogd of vernederd.

Jacobus 2:5 Hoort, mijn geliefde broeders! Heeft God niet de armen naar de wereld uitverkoren om rijk te zijn in het geloof en erfgenamen van het Koninkrijk, dat Hij beloofd heeft aan wie Hem liefhebben?

Het draait niet om macht, het winnen ongeacht de kosten die dit met zich meebrengt; dat was de fout van Lucifer.

Spreuken 25:8-10 Ga niet haastig over tot een rechtsgeding, want wat zult gij ten slotte doen wanneer uw naaste u beschaamd maakt? Beslecht uw rechtsgeding met uw naaste, maar openbaar het geheim van een ander niet, opdat wie het hoort u niet beschimpe; dan zou het kwaad gerucht over u niet ophouden.

Als je vraagt om een rechtvaardig en evenwichtig oordeel, moet je beseffen dat je zelf evenzeer schuldig bent aan alles waaraan je je naaste schuldig bevindt voor wat betreft Gods wetten.

Jacobus 2:10 Want wie de gehele wet houdt, maar op een punt struikelt, is schuldig geworden aan alle geboden.

Het veroordelen van anderen is niet aan ons.

Romeinen 2:21 hoe nu, gij, die een ander onderwijst, onderwijst gij uzelf niet? Gij, die predikt, dat men niet stelen mag, steelt gij?

Mattheüs 5:24-25 laat uw gave daar, voor het altaar, en ga eerst heen, verzoen u met uw broeder en kom en offer daarna uw gave. Wees vriendelijk jegens uw tegenpartij, tijdig, terwijl gij nog met hem onderweg zijt, opdat uw tegenpartij u niet aan de rechter overlevere en de rechter aan zijn dienaar en gij in de gevangenis wordt geworpen.

We behoren voor een oordeel niet uit te kijken naar de rechtbanken van deze wereld, evenmin moeten we onze naaste voor dat gerecht dagen, we moeten voor hem bidden.

1 Corinthiërs 6:2

  • Of weet gij niet, dat de heiligen de wereld zullen oordelen?
  • En indien bij u het oordeel over de wereld berust, zijt gij dan onbevoegd voor de meest onbetekenende rechtspraak?

De heiligen zullen over de wereld heersen; wij moeten zulke oordelen zelf vellen en doen wat juist is zonder daartoe te worden gedwongen.

Spreuken 25:11-12 Een woord, in juiste vorm gesproken, is als gouden appelen op zilveren schalen. Een wijs vermaner bij een luisterend oor, is een gouden ring en een fijn gouden sieraad.

Spreken is een kunst. Er is zelfs een manier om anderen op een opbouwende manier te evalueren, een manier die overkomt als verstandig, waarnaar ze zullen luisteren,

Welk voordeel kun je behalen als je spreekt vanuit boosheid, zelfrechtvaardiging, een gebrek aan medeleven, zelfgerichte trots, onwetendheid en ongevoeligheid?

Mensen houden er niet van dat anderen waarvan ze weten dat die geen liefde voor hen hebben, hun vertellen wat ze moeten doen. evenmin houden ze ervan advies te krijgen van mensen die de zaken niet begrijpen.

Handelen op basis van rijpheid die is ontstaan door genade, levert het maximum resultaat.

Spreek nooit op een afbrekende manier.

Jacobus 1:26 Indien iemand meent godsdienstig te zijn en daarbij zijn tong niet in toom houdt, maar zijn hart misleidt, diens godsdienst is waardeloos.

Jacobus 3:6-8 Ook de tong is een vuur, zij is de wereld der ongerechtigheid; de tong neemt haar plaats in onder onze leden, als iets, dat het gehele lichaam bezoedelt en het rad der geboorte in vlam zet, terwijl zij zelf in vlam gezet wordt door de hel. Want alle soorten van wilde dieren en vogels, van kruipende dieren en zeedieren worden bedwongen en zijn bedwongen door de menselijke natuur, maar de tong kan geen mens bedwingen. Zij is een onberekenbaar kwaad, vol dodelijk venijn.

Spreuken 25:13 Gelijk de koelte der sneeuw in de oogsttijd, is een betrouwbare bode voor wie hem zendt; hij verkwikt de ziel van zijn heer.

Dit is een metafoor. In de oogsttijd als ze wijn maakten, werd er sneeuw gebruikt om de wijn te koelen. De gangbare methode om wijn te koelen ging als volgt: een doek werd in water gedompeld en om de fles gewikkeld, waarna de fles in de brandende zon werd gehangen. De sterke verdamping voert de warmte van de wijn af. Door dit te blijven herhalen kon je de wijn bijna net zo koud maken als ijs. Er is niets zo lekker als een glas koele wijn.

Een betrouwbare bode is net zo verfrissend. Waarom? Omdat hij de genadige woorden van de Heer overbrengt.

Psalm 12:6 De woorden des HEREN zijn zuivere woorden, gedegen zilver, in een smeltoven in de aarde zevenvoudig gelouterd.

Marcus 1:22 En zij stonden versteld over zijn leer, want Hij leerde hen als gezaghebbende, en niet als de Schriftgeleerden.

Spreuken 25:14 Dampen en wind en toch geen regen, zo is iemand die ophef maakt van een waardeloos geschenk.

Mensen die niet goed zijn willen toch als goed overkomen.

Mensen zien zulke wolken naderen en wachten op regen die niet komt.

Net als de meeste van onze politici doen ze allerlei beloften die nooit worden ingelost.

Mattheüs 21:28-31 Wat dunkt u? Iemand had twee kinderen. Hij ging naar de eerste en zeide: Kind, ga en werk vandaag in de wijngaard. En hij antwoordde en zeide: Ja, heer, maar hij ging niet. Hij ging naar de tweede en sprak evenzo. En deze antwoordde en zeide: Ik wil niet, maar later kreeg hij berouw en ging toch. Wie van de twee heeft de wil van zijn vader gedaan? Zij zeiden: De laatste. Jezus zeide tot hen: Voorwaar, Ik zeg u, de tollenaars en de hoeren gaan u voor in het Koninkrijk Gods.

Spreuken 25:15 Door lankmoedigheid wordt de machtige vermurwd, een zachte tong verbreekt beenderen.

Je kunt meer vliegen vangen met honing dan met azijn. Als het punt wat je maakt juist is, blijf er dan bij, maar geef anderen de ruimte om zelf de dingen af te wegen en tot een conclusie te komen. Daarom kan er geen hiërarchiek bestuur zijn de de Kerk.

Efeziërs 4:14-15 Dan zijn wij niet meer onmondig, op en neder, heen en weder geslingerd onder invloed van allerlei wind van leer, door het valse spel der mensen, in hun sluwheid, die tot dwaling verleidt, maar dan groeien wij, ons aan de waarheid houdende, in liefde in elk opzicht naar Hem toe, die het hoofd is, Christus.

Gideon bewaarde door een zachte tong de vrede met de Efraïmieten en Abigaïl wendde de wraak van David af. Harde woorden verbreken geen beenderen en daarom moeten we die geduldig verdragen; maar het schijnt dat zachte woorden dat wel doen en daarom moeten we die bij iedere gelegenheid voorzichtig te berde brengen.

Spreek oprecht met mensen, maar doe dat met respect.

Spreuken 25:16 Hebt gij honig gevonden, eet zoveel als u voldoende is, opdat gij er niet te veel van krijgt en het uitspuwt.

Teveel van het goede is niet goed.

Als je een grote zegen hebt gevonden zoals een bergplaats met honing dan is het niet allemaal voor jezelf. Het moet worden gedeeld.

Neem wat je nodig hebt, maar niet alles wat je wilt.

2 Petrus 1:5-8 Maar schraagt om deze reden met betoon van alle ijver door uw geloof de deugd, door de deugd de kennis, door de kennis de zelfbeheersing, door de zelfbeheersing de volharding, door de volharding de godsvrucht, door de godsvrucht de broederliefde en door de broederliefde de liefde jegens allen.

Want als deze dingen bij u aanwezig zijn en overvloedig worden, laten zij u niet zonder werk of vrucht voor de kennis van onze Here Jezus Christus.

Spreuken 25:17 Zet uw voet niet te dikwijls in het huis van uw naaste, opdat hij niet genoeg van u krijge en u hate.

Nodig jezelf nooit uit bij iemand anders. Blijf niet te lang als je bent uitgenodigd. Er is een tijd om weer naar huis te gaan. Maak geen misbruik van de goedgunstigheid van je naaste.

Veel van Gods 613 wetten richten zich op het tonen van respect voor je naaste.

Elk buitensporig of extreem of ongebalanceerd gedrag is verkeerd.

Romeinen 13:10 De liefde doet de naaste geen kwaad; daarom is de liefde de vervulling der wet.

Spreuken 25:18 Een knots en een zwaard en een scherpe pijl, zo is iemand die als vals getuige optreedt tegen zijn naaste.

Vals lasteren van iemand veroorzaakt grote schade voor zijn reputatie en anderen zullen je leugens herhalen.

Een knots, een zwaard of een pijl veroorzaakt grote schade; het zijn in feite dodelijke wapens.

Mensen houden ervan om te praten.

Psalm 120:2 HERE, red mij van de leugenlippen, van de bedrieglijke tong.

Spreuken 25:19 Als een afbrekende tand en een zwikkende voet is het vertrouwen op een trouweloze ten dage der benauwdheid.

Hier hebben we een metafoor van kiespijn en een verzwikte voet.

Op iemand vertrouwen die niet te vertrouwen is, zal je heel veel problemen bezorgen.

De les is niet teveel te verwachten van mensen.

Johannes 2:24-25 maar Jezus zelf vertrouwde Zichzelf hun niet toe, omdat Hij hen allen kende en omdat het voor Hem niet nodig was, dat iemand van de mens getuigde; want Hij wist zelf, wat in de mens was.

Spreuken 25:20 Als iemand die een kleed uittrekt op een koude dag, als azijn op loog, is wie liedjes zingt bij een treurig hart.

Leer echte behoeften te herkennen, geef mensen wat ze nodig hebben, niet wat je hun wilt geven.

Houd er rekening mee dat mensen lijden, soms moeten mensen treuren om erover heen te komen. Probeer nooit iemand emoties tegen te gaan en te proberen dat ze die opzouten.

Daniël 6:18 Toen ging de koning naar zijn paleis en bracht de nacht vastend door; en hij liet niets tot afleiding voor zich brengen, en zijn slaap vlood van hem.

Spreuken 25:21-22 Indien uw vijand honger heeft, geef hem brood te eten, indien hij dorst heeft, geef hem water te drinken; want dan hoopt gij vurige kolen op zijn hoofd, en de HERE zal het u vergelden.

Dit is heel moeilijk om te doen. Je vijand weet dat het moeilijk is. Als we dus kwaad met goed vergelden, zet hem dat aan tot nadenken en zijn waarden ter discussie te stellen.

God wil Zijn volk gebruiken als getuigen om de wereld te laten zien dat ze niet op de manier waarop ze dat doen, hoeven te leven, en om ze tot bekering te brengen.

God heeft nooit iemand afgeschreven en Hij wil dat allen veranderen en deel zullen gaan uitmaken van Zijn familie; dat moeten wij dus ook willen. Als ons onrecht is aangedaan laat God zien dat we in plaats van instinctief te reageren een stap terug zouden moeten doen om naar het grotere geheel te kijken.

Spreuken 25:23 De noordenwind verwekt stortregen, heimelijk gepraat toornige aangezichten.

Net als een noordwestenwind een noordwester storm kan voortbrengen[2] of zoals donderkoppen supercellen[3] en tornado’s kunnen voortbrengen, zo zal een aanmatigende, ongevoelige, onwetende, grote mond bij iedereen alleen maar ergernis en boosheid voortbrengen.

Colossenzen 4:6 Uw spreken zij te allen tijde aangenaam, niet zouteloos; gij moet weten, hoe gij aan ieder het juiste antwoord moet geven.

Bedenk:

Romeinen 12:2 …, opdat gij moogt erkennen wat de wil van God is, het goede, welgevallige en volkomene.

Hoe bekwaam ben je daarin?

Spreuken 25:24 Beter te wonen op een hoek van het dak dan met een twistzieke vrouw in een gemeenschappelijke woning.

God gebruikt hier geen enkele metafoor, maar zegt rechttoe-rechtaan waar het op staat. Het is beter alleen te zijn dan samen te zijn met iemand die in plaats van een gepaste hulp te zijn, een grote hindernis is voor je geestelijke roeping.

God wilde dat vrouwen begrijpen dat zij de macht over het geestelijke leven van hun man in handen hebben. Achter iedere goede man staat een goede vrouw.

1 Petrus 3:5-6 Want aldus tooiden zich ook weleer de heilige vrouwen, die hoopten op God, onderdanig aan haar mannen, zoals Sara Abraham gehoorzaamde en hem heer noemde; en haar dochters zijt gij, als gij goed doet en u geen schrik laat aanjagen.

1 Corinthiërs 7:14-15 Want de ongelovige man is geheiligd in zijn vrouw en de ongelovige vrouw is geheiligd in de broeder. Anders zouden immers uw kinderen onrein zijn, doch nu zijn zij heilig. Maar indien de ongelovige haar verlaat, laat hij haar verlaten. De broeder of zuster is in dit geval niet gebonden; tot vrede heeft God u geroepen.

Spreuken 25:25 Goede tijding uit verren lande is koel water voor een dorstige ziel.

Als je heet en bezweet bent verlang je sterk naar een koele drank.

Lucas 2:10-11 En de engel zeide tot hen: Weest niet bevreesd, want zie, ik verkondig u grote blijdschap, die heel het volk zal ten deel vallen: U is heden de Heiland geboren, namelijk Christus, de Here, in de stad van David.

Romeinen 10:15 En hoe zal men prediken zonder gezonden te zijn? Gelijk geschreven staat: Hoe liefelijk zijn de voeten van hen, die een goede boodschap brengen.

Spreuken 25:26 Een troebel gemaakte fontein en een verontreinigde bron, zo is de rechtvaardige die voor de goddeloze wankelt.

De enige persoon die van binnenuit rechtvaardig is, is Jezus Christus; ons wordt de rechtvaardigheid toegerekend. En we zijn allemaal heel vaak door zonde tekort geschoten.

Dat is wat Satan probeerde te bereiken met Christus in de woestijn. Als Hij zou zondigen dan zou Hij niet in staat zijn het volmaakte offer te zijn om de zonden van de mensheid uit te wissen.

Spreuken 25:27 Veel honig eten is niet goed, maar het doorvorsen van zware dingen is een eer.

Het is niet goed zelfgericht te zijn, dat geldt zowel in fysiek als in geestelijk opzicht.

Wees nederig als je niet gezochte eer toevalt en schrijf alle heerlijkheid toe aan God, dat is onze wijsheid.

Johannes 5:30-32 Ik kan van Mijzelf niets doen; gelijk Ik hoor, oordeel Ik, en mijn oordeel is rechtvaardig, want Ik zoek niet mijn wil, doch de wil van Hem, die Mij gezonden heeft. Indien Ik getuig van Mijzelf, is mijn getuigenis niet waar; een ander is het, die van Mij getuigt, en Ik weet, dat het getuigenis, dat Hij van Mij aflegt, waar is.

Spreuken 25:28 Een stad met omvergehaalde muren, zo is iemand die zijn geest niet in bedwang heeft.

  • Als je je hoofd verliest verlies je alles. Als je een goed leider wilt zijn moet je in staat zijn kritiek te incasseren.
  • Buitensporige gedrag beschermt je niet, maar maakt je juist kwetsbaar.

Jacobus 1:20 want de toorn van een man brengt geen gerechtigheid voor God voort.

1 Timotheüs 2:8 Ik wil dan, dat de mannen op iedere plaats bidden met opheffing van heilige handen, zonder toorn en twist.

Efeziërs 4:31 Alle bitterheid, gramschap, toorn, getier en gevloek worde uit uw midden gebannen, evenals alle kwaadaardigheid.

Het loon van de wijsheid van God

[1] Opmerking van de vertaler: De Statenvertaling luidt: …, zo zal hij zich een dubbel van deze wet afschrijven in een boek, … De NBG, evenals veel andere Nederlandse vertalingen, vertalen met laten maken, dus anderen doen dit voor hem. De Statenvertaling geeft, evenals veel Engelse vertalingen, weer dat hij het zelf moet doen.

[2] Opmerking van de vertaler: In het Engels staat noordoost; de vertaling aangepast aan de heersende omstandigheden in Nederland.

[3] Opmerking van de vertaler: Een supercel is het zwaarste type onweersbui dat kan voorkomen. Voor meer informatie zie Wikipedia.

Wordt vervolgd met: Mensen die geen eer waard zijn: Spreuken 26

Meer informatie? HET BOEK SPREUKEN: de belangrijkste levensprincipes.

[Bijbelteksten zijn ontleend aan de Herziene Statenvertaling © 2010 Stichting HSV’][Nadruk van ons]

[Bijbelteksten zijn ontleend aan de NBG-vertaling 1951][Nadruk van ons]

Reacties zijn gesloten.